Het herstel en symptomen van een Lopersknie
Bij een lopersknie (medische term; tractus iliotibialis frictie syndroom) ondervindt de sporter een constant zeurend gevoel aan de buitenzijde van de knie. De klachten ontstaan door herhaaldelijke bewegingen van de knie en komen onder hardlopers en wielrenners frequent voor. In de medische wereld zijn er enkele testen ontwikkeld om deze klachten te diagnosticeren.

Wat is de kans op een lopersknie?
De benaming 'lopersknie' doet voorkomen alsof louter hardlopers deze klachten kunnen ontwikkelen. Daarentegen is deze benaming wel te begrijpen, aangezien de klachten met name in deze groep voorkomt. Het tractus iliotibialis frictie syndroom is een betere en meer generieke term voor deze blessure en sluit andere takken van sport waar deze klachten in voorkomen niet uit.
De lopersknie is een niet te onderschatte blessure. Bij hardlopers is naar schatting 17% van alle overbelastingsblessures een lopersknie. Met een percentage van 15% komen de klachten bij wielrenners minder vaak voor, maar is desondanks ook onder wielrenners een blessure om rekening mee te houden.
De symptomen van een lopersknie
Voorheen werd de pijn toegeschreven aan het feit doordat de pees aan de buitenzijde van de knie herhaaldelijk voorwaarts en achterwaarts over het botweefsel van de knie 'schuurt'. Vervolgens raakt de buitenzijde van de knie enigszins opgezwollen en kan de knie lokaal warm aanvoelen.
Recent onderzoek toont aan dat deze symptomen veelal niet veroorzaakt worden door een irritatie aan de pees, maar dat juist het weefsel (bijvoorbeeld de slijmbeurs of een cyste) tussen de knie en pees van de tractus iliotibialis geïrriteerd raakt. Bovendien geven de onderzoekers aan dat de pees niet langs de buitenzijde van het 'kniebot' beweegt. Er vindt dus geen achterwaartse en voorwaartse beweging plaats, zoals eerder werd verondersteld. Deze illusie wordt gewekt doordat de irritatie tijdens het buigen van de knie herhaaldelijk op hetzelfde moment komt opzetten.
Wat veroorzaakt een lopersknie?
Factoren die een rol spelen in de ontstaanswijze van een lopersknie bij hardlopers, voetballers en hockeyers zijn o.a. zwakke abductoren (de spieren die zorgen voor een zijwaartse beweging vanuit de heup) en overpronatie (tijdens het afwikkelen van de voet zakt de voet/enkel overmatig naar binnen). Tevens spelen o-benen en een beenlengteverschil een rol.
Zwakke abductoren en overpronatie houden enig verband met elkaar, aangezien zwakke abductoren de overpronatie kan verergeren. Een andere factor die meespeelt is een dysbalans tussen de quadriceps (dijbeenspieren) en de hamstrings, waarbij de quadriceps naar verhouding beduidend meer kracht heeft.
Ook alle goed bedoelde adviezen om de peesplaat te gaan rekken zijn ten spijt. Sterker nog, het is mogelijk dat het oprekken van de tractus iliotibialis op termijn juist voor een toename van klachten zorgt. Door de rek komt er meer compressie op de weefsels die zich tussen de pees en de knie bevinden.
Behandeling en herstel van een lopersknie
Wanneer de klachten eenmaal aanwezig zijn zal je in je sport tijdelijk moeten minderen. Dit kun je doen door je trainingsschema te evalueren of door minder intensief of frequent te gaan sporten. Het is raadzaam om vooral het sporten in heuvelachtig gebied te mijden. Het heuvel af lopen kan de klachten namelijk verergeren. Als wielrenner zal je de hoogte van het zadel in het vizier moeten houden. Een te lage zitting werkt een lopersknie in de hand. Om in conditie te blijven kun je ook tijdelijk een andere sport uitoefenen zoals bijvoorbeeld zwemmen.
Veel gebruikte kreten zijn 'voorkomen is beter dan genezen' of 'de oplossing ligt in de oorzaak'. Het zijn niet zomaar loze kreten. Er zit ook een kern van waarheid in. Om blessures te voorkomen dien je als sporter vooral preventieve maatregelen te nemen. Neem een wielrenner en een hardloper. Beide sporters maken herhaaldelijke eenzijdige bewegingen. De kans op blessures zal slinken wanneer je naast je sport ook met enige regelmatig oefeningen doet om je spieren krachtiger te maken.
Om de pijnen te onderdrukken is ijzen een tijdelijke oplossing. Het zal de lopersknie niet wegnemen. Het is enkel symptoombestrijding om de klachten dragelijk te maken. Een andere methode die meer effect heeft is een stevige massage van de quadriceps en de tractus iliotibialis, al is dit wel de meest pijnlijke variant.
Bronvermelding:
J Orthop Sports Phys Ther. 2010 Feb;40(2):52-8.
Competitive female runners with a history of iliotibial band syndrome demonstrate atypical hip and knee kinematics.
Clin J Sport Med. 2006 May;16(3):261-8.
Practical management of iliotibial band friction syndrome in runners.
Sports Med. 2005;35(5):451-9.
Iliotibial band syndrome in runners: innovations in treatment.
J Sci Med Sport. 2007 Apr;10(2):74-6; discussion 77-8. Epub 2006 Sep 22.
Is iliotibial band syndrome really a friction syndrome?
Gait Posture. 2007 Sep;26(3):407-13. Epub 2006 Nov 28.
Lower extremity mechanics of iliotibial band syndrome during an exhaustive run.
Man Ther. 2007 Aug;12(3):200-8. Epub 2007 Jan 8.
Iliotibial band friction syndrome--a systematic review.
hysiother Can. 2008 Spring;60(2):180-8. Epub 2008 Oct 10.
Effects of Multi-modal Physiotherapy, Including Hip Abductor Strengthening, in Patients with Iliotibial Band Friction Syndrome.
J Appl Biomech. 2008 Aug;24(3):262-70.
Continuous relative phase variability during an exhaustive run in runners with a history of iliotibial band syndrome.

