fysiotherapie herstel en excentrische oefeningen

Oefeningen, symptomen en behandeling van een jumpers knee (springersknie)

02 augustus 2017

Een jumpers knee, ook wel springersknie genoemd, is een typische overbelastingsblessure van de kniepees die gelegen is tussen de knieschijf en je scheenbeen. Deze blessure komt vooral in sporten voor waarin veel gesprongen wordt zoals bij basketbal en volleybal. Voor het herstel is het belangrijk om te weten wat de oorzaak van een jumpers knee is en hoe je het kunt behandelen.

Wat is de functie van een pees?

Een pees zorgt voor de verbinding tussen het bot en de spier en loopt zeer geleidelijk over in het spierweefsel. De voornaamste functie is om de kracht van de spieren op het bot over te brengen zodat er een beweging plaatsvindt. Door de samenwerking van spier- en peesweefsel kunnen botdelen ten opzichte van elkaar bewegen en ontstaat er beweging in een gewricht.

 

Sommige pezen zijn omhuld door een peesschede. Het beschermt de pees op plaatsen waar er veel wrijving aanwezig is. Een pees bestaat uit tal van collageenvezels die evenwijdig aan elkaar lopen. Beschadigde vezels wijken echter van dit patroon af. Bij peesklachten kun je met echografie de verstoring in de lengterichting goed waarnemen.

Het beloop en symptomen van een springersknie

Een jumpers knee is een hardnekkige overbelastingsblessure en komt vooral tegen het einde van het sportseizoen tot uiting. De meest op de voorgrond staande symptomen zijn drukpijn en (ochtend)stijfheid van de knie. Een dergelijke blessure ontstaat doorgaans geleidelijk en vertoont een herkenbaar patroon. Aanvankelijk beginnen de klachten vrij onschuldig.

 

De eerste tekenen van deze blessure openbaart zich meestal de dag na de training of de wedstrijd. De pijn is tijdelijk en verdwijnt zodra je weer rustig in beweging komt. In een later stadium zal je tijdens het sporten de pijn ervaren en bij een verergering van de blessure zal je zelfs tijdens je warming-up al pijn voelen. Het is dan inmiddels onverantwoord om de klachten te negeren.

Wat is de oorzaak van een jumpers knee?

De klachten zijn over het algemeen toe te schrijven aan overbelasting als gevolg van repeterende piekbelasting. Met onder meer echografie en weerstandstesten kan de ernst van de blessure worden gediagnosticeerd. Vaak is er sprake van degeneratieve veranderingen in de kniepees. Dit houdt in dat de kwaliteit van de pees is verslechterd. Door het kwaliteitsverlies van peesweefsel neemt de belastbaarheid en daarmee de sterkte van de pees af waardoor de kans op beschadigingen in de kniepees toeneemt.

 

Als gevolg daarvan kunnen er tekenen van ontstekingen ontstaan, maar dat is niet de oorzaak maar meer juist het gevolg van een gestoord herstelproces op basis van kwaliteitsverlies van de kniepees. Een kniepees geneest over het algemeen vrij moeizaam omdat het een slecht doorbloede structuur is. Er zijn vele factoren die tot een jumpers knee kunnen leiden. Onderstaand een uiteenzetting daarvan.

 

  • Spierzwakte van de kuit-, bil- en bovenbeenspieren
  • Overpronatie van de voet
  • Spierverkorting van de hamstring of de quadriceps en in het bijzonder de voorste dijbeenspier
  • Statiekafwijkingen zoals x-benen
  • Overgewicht vergroot tevens de kans op een jumpers knee
  • Bewegingsbeperking in de enkel
  • Standsafwijkingen van de knieschijf
  • Stijver landingspatroon
  • Verkeerde landingstechniek
  • Lange onderpool van de knieschijf
  • Harde ondergrond
  • Overmatige krachttraining
  • Sprongsporten zoals volleybal of basketbal gecombineerd met fysiek werk

Behandeling en herstel

Een jumpers knee is een overbelastingsblessure waarvan het herstel in vergelijking met spierweefsel zeer langzaam gaat. Het duurt enkele maanden voordat de pees aantoonbaar sterker is geworden. Een revalidatie van enkele maanden is niet ongebruikelijk. Over het algemeen is een springersknie goed te behandelen met conservatieve therapie (fysiotherapie). Ice-packs (3x daags 15-20 minuten) en een patellabandje zijn effectieve symptoombestrijders die voor de korte termijn pijnverlichting kunnen geven.

 

Een patellabandje zorgt voor een afname van de trekkrachten op de kniepees en is een tijdelijke oplossing. Voor de lange termijn zal je allereerst aanpassingen moeten aanbrengen in de frequentie, intensiteit en duur van de trainingsbelasting. Ook dien je kniebuigingen te beperken tot een hoek van 90 graden.

Oefeningen

Soms is de pijn dermate hevig dat je tijdelijk met je sport moet stoppen. Om verzwakking van je spieren en pezen tegen te gaan is het belangrijk om in beweging te blijven. Verzwakking zorgt er immers voor dat het kwaliteitsverlies toeneemt en dat werkt in het herstelproces juist averechts. Kies voor een bewegingsactiviteit of een sport die minder belastend is voor de kniepees. Zwemmen is vaak een goed alternatief voor zowel je uithoudingsvermogen als voor de belastbaarheid van de pezen en spieren.

 

Over het algemeen bestaat de behandeling van een jumpers knee voornamelijk uit oefentherapie waarin excentrische oefeningen centraal staan. Excentrische training is een effectieve en bewezen behandelvorm. Het verbetert de kwaliteit van de pees en de treksterkte neemt toe. Deze oefeningen mogen gerust een beetje gevoelig zijn, maar dit mag tijdens de behandeling niet toenemen. Meestal treedt er binnen zes weken al verbetering op, mits er vrijwel dagelijks getraind wordt.

 

Een andere behandelvorm is shockwave-therapie. Studies tonen aan dat shockwave therapie een goede aanvulling is op de oefentherapie. Je doet er goed aan om onder begeleiding aan je herstel te werken. Een sportarts of een (sport)fysiotherapeut zijn hier de aangewezen personen voor.

Bronvermelding:

 

Am J Sports Med. 2011 Dec;39(12):2626-33. Epub 2011 Sep 14.
Low range of ankle dorsiflexion predisposes for patellar tendinopathy in junior elite basketball players: a 1-year prospective study.


Backman LJ, Danielson P.

J Sci Med Sport. 2011 Nov;14(6):477-81. Epub 2011 Jun 12.
Feasibility and reliability of pain pressure threshold measurements in patellar tendinopathy.
van Wilgen P, van der Noord R, Zwerver J.

 

Am J Sports Med. 2014 Mar;42(3):610-8. doi: 10.1177/0363546513518416. Epub 2014 Jan 30. Platelet-rich plasma as a treatment for patellar tendinopathy: a double-blind, randomized controlled trial. Dragoo JL1, Wasterlain AS, Braun HJ, Nead KT


Br J Sports Med. 2007 Jul;41(7):e8. Epub 2007 Jan 15.
Relationship between landing strategy and patellar tendinopathy in volleyball.
Bisseling RW, Hof AL, Bredeweg SW, Zwerver J, Mulder T.


Br J Sports Med. 2008 Jun;42(6):483-9. Epub 2008 Apr 2.
Are the take-off and landing phase dynamics of the volleyball spike jump related to patellar tendinopathy?
Bisseling RW, Hof AL, Bredeweg SW, Zwerver J, Mulder T.


Clin J Sport Med. 2014 Jan;24(1):88-9. doi: 10.1097/JSM.0000000000000063. Comparing PRP injections with ESWT for athletes with chronic patellar tendinopathy. Smith J1, Sellon JL..


Am J Sports Med. 2011 Jun;39(6):1191-9. Epub 2011 Feb 1.
No effect of extracorporeal shockwave therapy on patellar tendinopathy in jumping athletes during the competitive season: a randomized clinical trial.
Zwerver J, Hartgens F, Verhagen E, van der Worp H, van den Akker-Scheek I, Diercks RL.


Br J Sports Med. 2007 Apr;41(4):217-23. Epub 2007 Jan 29.
The evolution of eccentric training as treatment for patellar tendinopathy (jumpers knee): a critical review of exercise programmes.
Visnes H, Bahr R.

 

Am J Sports Med. 2014 Apr;42(4):906-11. doi: 10.1177/0363546513519964. Epub 2014 Feb 11. Are multiple platelet-rich plasma injections useful for treatment of chronic patellar tendinopathy in athletes? a prospective study. Charousset C1, Zaoui A, Bellaiche L, Bouyer B.

 

Knee Surg Sports Traumatol Arthrosc. 2011 Dec 21. [Epub ahead of print]
Treatment of patellar tendinopathy-a systematic review of randomized controlled trials.
Larsson ME, Käll I, Nilsson-Helander K.


J Back Musculoskelet Rehabil. 2011;24(1):49-55.
The impact of physically demanding work of basketball and volleyball players on the risk for patellar tendinopathy and on work limitations.
van der Worp H, Zwerver J, Kuijer PP, Frings-Dresen MH, van den Akker-Scheek I.


Scand J Med Sci Sports. 2011 Apr 18. doi: 10.1111/j.1600-0838.2011.01308.x. [Epub ahead of print]
Risk factors for patellar tendinopathy in basketball and volleyball players: a cross-sectional study.
van der Worp H, van Ark M, Zwerver J, van den Akker-Scheek I.


Med Sci Sports Exerc. 2010 Nov;42(11):2072-80.
Landing strategies of athletes with an asymptomatic patellar tendon abnormality.
Edwards S, Steele JR, McGhee DE, Beattie S, Purdam C, Cook JL.


Int J Sports Med. 2014 Jul;35(8):714-22. doi: 10.1055/s-0033-1358674. Epub 2014 Feb 27. Jumper's knee or lander's knee? A systematic review of the relation between jump biomechanics and patellar tendinopathy.Van der Worp H1, de Poel HJ2, Diercks RL1, van den Akker-Scheek I1, Zwerver J1.

GERELATEERDE BERICHTEN