
Armoefeningen voor ieder Niveau
6. Oefeningen voor de schouders
Oefeningen voor de armen
Dit is een oefening voor de biceps (voorste bovenarmspier). Zet de voeten onder de heupen met de knieën lichtjes gebogen en houd de rug recht. Beweeg je onderarmen t.o.v. de bovenarmen. Indien het zwaarder wordt, ga niet vanuit de onderrug en schouders bewegen. Houd de ellebogen in dezelfde stand.
Dit is een oefening voor de triceps (achterste bovenarmspier). Ga stabiel op de Swiss Ball zitten met beide voeten op de grond. Houd je rug recht en beweeg met de onderarmen verticaal. Breng je onderarmen terug in een hoek van 90 graden. Je moet proberen om tijdens de oefening je bovenarmen, die ter hoogte van de oren staan, stil te houden. Laat de gewichtjes hun werk doen.
Dit is ook een oefening voor de triceps. Tijdens de oefening dien je de knieën lichtjes gebogen te houden. Zet het been van de zijde die niet getraind wordt iets naar voren zodat je stabiel staat. Probeer de rug evenwijdig aan de grond te houden en blijf naar de grond kijken. Strekt de arm(en) geheel horizontaal en houd je bovenarm stil. Indien je de oefening met zowel de linker- als je rechterarm tegelijkertijd uitvoert dien je beide voeten naast elkaar te zetten.
Deze oefening heeft veel weg van de eerste oefening met als verschil dat je de nadruk legt op een andere spier die tevens verantwoordelijk is voor een buiging van het bovenarm. Halverwege de beweging worden de handpalmen naar elkaar toegedraaid. Voor de rest gelden dezelfde regels als bij de eerste oefening.